 Inleiding
Een belangrijk onderdeel van de master opleiding Farmacie in Utrecht is het doen van een 6 maanden durende onderzoeksstage. Al tijdens de bachelor opleiding werd ons duidelijk gemaakt dat deze stage een mooie gelegenheid is om tijdens je studie naar het buitenland te gaan. Dit sprak mij enorm aan en toen de tijd was aangebroken een onderzoeksplek te vinden heb ik mij erg ingezet om een goede plek in het buitenland te vinden. Het doen van een stage in het buitenland is een erg goede manier om je studie te verbreden en om nieuwe ervaringen op te doen. Ik had al eerder onderzoek gedaan op de universiteit in Utrecht en was erg benieuwd in hoeverre onderzoek doen in andere land hiervan zou verschillen.
Ik wilde graag onderzoek doen in een Engels sprekend land. Hierdoor zou er geen grote taalbarrière zijn, zodat ik me volledig op het onderzoek kon richten. Verder is Engels toch de taal van de wetenschap en hierom wilde ik proberen mijn Engels te perfectioneren. Ik ben erg geinteresseerd in de ziekte van Parkinson en wilde hierom graag mijn onderzoek over dit onderwerp doen. Door deze twee wensen te combineren en flink te zoeken op het internet kwam ik uiteindelijk terecht in het Toronto Western Hospital in Toronto, Canada. Met behulp van mijn Nederlandse begeleider Prof. Dr. Berend Olivier, hoofd van de afdeling psychofarmacologie bij het departement farmaceutische wetenschappen kwam ik in contact met Dr. Jonathan Brotchie, die mijn begeleider zou worden tijdens mijn stage in Toronto. Onderzoek
Het Toronto Western Research Hospital is een onderdeel van het University Health Network in Canada. Dit netwerk is een samenwerking van de drie belangrijkste ziekenhuizen in Toronto. Ik heb mijn onderzoek gedaan in de ‘Division of Brain, Imaging & Behaviour – Systems Neuroscience’ en wel in het lab van Dr. Brotchie.
Al vanaf de eerste (voornamelijk telefonische) contacten met Dr. Brotchie was hij erg enthousiast en zijn we samen gaan brainstormen over een mogelijk project voor mij. Hij vond het erg belangrijk dat ik een ‘eigen’ project zou krijgen, waarover ik dus de leiding zou hebben en dat dus ook geheel mijn verantwoordelijkheid zou zijn. Dit was natuurlijk wel een uitdaging, maar ook een erg leuk vooruitzicht. Op mijn eerste dag op het lab werd het duidelijk dat het een erg intensieve en leerzame stage zou worden en ik ben meteen hard aan de slag gegaan. Het University Health Network is erg streng wat betreft veiligheid en regels, en ik moest dus eerst een aantal cursussen over proefdierkunde, algemene labveiligheid, radioactiviteit en dergelijke volgen voordat ik met praktisch werk mocht beginnen. Tussendoor was er echter genoeg te doen wat betreft literatuuronderzoek en het regelen van praktische zaken. Mijn onderzoek ging over resveratrol, het veel geprezen stofje waardoor het drinken van rode wijn gezond wordt geacht. Resveratrol heeft een cardioprotectief effect en staat opnieuw in de belangstelling omdat het in bepaalde organismen de levensduur kan verlengen en een neuroprotectief effect zou hebben. Vooral dit neuroprotectieve effect zou erg belangrijk kunnen zijn bij preventie en/of genezing van de ziekte van Parkinson. Hierom heb ik in een muismodel van de ziekte van Parkinson onderzocht of toediening van resveratrol een beschermend effect had op de dopamineneuronen. Om dit te onderzoeken heb ik eerst een groot in vivo experiment gedaan om de juiste manier van toedienen te bepalen. Omdat de verantwoordelijkheid van het onderzoek bij mij lag heb ik kennis kunnen maken met alle aspecten van het organiseren van een vivo onderzoek. Naast de gebruikelijke dingen die gedaan moeten worden, als literatuuronderzoek en de eigenlijke uitvoering van het experiment moeten zaken als huisvesting en voedsel voor de dieren, het op tijd bestellen van materialen, het zoeken naar en het valideren van (nieuwe) laboratoriumtechnieken worden geregeld. Ik ben heel blij dat ik op deze manier het project mocht uitvoeren. Er kwamen vooral meer praktische zaken bij kijken dan ik in eerste instantie had verwacht, maar ik heb nu ook echt het gevoel dat het mijn eigen onderzoek is geweest en dat ik in 6 maanden tijd ontzettend veel heb geleerd. Wonen en werken in Canada
Toronto is de grootste stad van Canada en de hoofdstad van de provincie Ontario. Het is een miljoenenstad waarin vaak evenementen worden georganiseerd en erg veel dingen te doen zijn. Ik woonde samen met mijn vriendin uit Nederland en 4 Canadese studenten in een appartementje in een studentenflat in downtown Toronto. Hier heb ik erg veel geluk mee gehad. De kamer was relatief goedkoop en de locatie was perfect. Het wonen in een studentenflat is zeer aan te raden, omdat het erg makkelijk is om op deze manier contacten te leggen met mede studenten, waardoor de tijd in een vreemde stad natuurlijk een stuk leuker wordt. Naast Toronto heb ik ook een groot deel van Ontario verkend. Ontario is ontzettend
mooi en heeft een geweldige natuur. Ik had het geluk nogal wat (verre) familie te hebben die verspreid over Ontario woonde en waar wij in weekenden te gast mochten zijn. Op die manier heb ik erg veel van de omgeving van Toronto gezien. Het klimaat in Toronto is een stukje extremer dan in Nederland:in de zomer is het erg warm, terwijl in de winter gevoelstemperaturen van –30 ºC geen uitzondering zijn. Ik heb veel geluk gehad, met warme september en oktober maanden en een redelijk milde winter (slechts –20 ºC) met veel sneeuw.
Canadezen zijn ontzettend vriendelijk, beleefd en gastvrij. Iedereen is altijd welkom en ze nodigen je echt overal voor uit. Ik heb hierom ook typisch Canadese ‘holidays’ als Halloween en Thanksgiving op de echte manier kunnen vieren. Verder zijn Canadezen heel erg milieubewust en vinden ze het vreselijk om vergeleken te worden met Amerikanen. Wat me ook opviel is dat mensen in het (medisch) onderzoek in Canada ontzettend hard werken. Part-time werken kennen ze sowieso niet, de dagen zijn lang en wordt er ook vaak op avonden of in weekenden gewerkt. Vanwege de beperkte tijd die ik voor mijn onderzoek had heb ik dit ook vaker moeten doen, maar ik was wel blij dat ik dan tenminste niet alleen was.
Iets anders typisch Canadees is het feit dat je overal en op elk tijdstip kan eten. Er zijn ontzettend veel restaurantjes die dag en nacht open zijn. Bij ieder winkelcentrum, kantoorgebouw en ziekenhuis hoorde een gigantische ‘foodcourt’ waar je een enorme variatie aan eten kon kopen. Ook is koffie drinken iets wat consequent buiten de deur wordt gedaan. Hoewel dit natuurlijk niet goedkoop is, is het nog steeds voordeliger om buiten de deur te eten omdat de prijzen in de supermarkt echt heel hoog waren. Tot slot
Het onderzoek wat ik heb gedaan was zeer zeker de moeite waard! Hoewel ik hard heb moeten werken heb ik ook erg veel geleerd en heb ik zo veel mogelijk geprobeerd te genieten van het Canadese leven in mijn vrije tijd. Ik kan iedereen aanraden om voor, tijdens of na z’n studie een stage of opleiding in het buitenland te volgen. Het is echt een ervaring waar ik altijd met plezier op zal terugkijken. Ik wil de Dr. Saal van Zwanenbergstichting, die dit voor mij mogelijk heeft gemaakt, heel hartelijk bedanken! |