 Achtergrond
Voor mijn master Biomedical Science aan de Universiteit Utrecht heb ik mijn eerste onderzoeksstage gedaan bij de afdeling Vasculaire Geneeskunde in het UMC Utrecht onder begeleiding van Peter Westerweel en dr. Marianne Verhaar. Deze stage is heel goed bevallen en ik heb veel geleerd over diverse technieken en manieren van werken in het lab. Voor mijn tweede stage wilde ik graag oncologisch onderzoek doen in een Engels-talig land, om mijn Engels te verbeteren en ook omdat het nu eenmaal een unieke kans is om een dergelijk grootse ervaring in je eentje op te doen. Hiervoor zocht ik contact met prof.dr. Elsken van der Wall van de afdeling oncologie in het UMC Utrecht. Zij is verbonden aan de Johns Hopkins University in Baltimore en bracht me in contact met dr. Henk Verheul, internist-oncoloog uit het UMC Utrecht en voor twee jaar als postdoc werkzaam bij Johns Hopkins. Al snel vertelde hij mij dat ik van harte welkom was om in de groep van Roberto Pili zeven maanden stage te lopen. Johns Hopkins University
Na veel administratief geregel (visum, beurzen, formulieren voor nieuwe medewerkers) vertrok ik 19 januari 2007 naar Baltimore. Op het lab werd ik hartelijk ontvangen. Onze groep zelf bestond inmiddels uit de PI (dr. Roberto Pili), een clinical fellow, een analist en ikzelf. De groep is onderdeel van de afdeling Chemical Therapeutics van het Sidney Kimmel Comprehensive Cancer Center at Johns Hopkins. Er is veel samenwerking en uitwisseling van kennis tussen de verschillende labs. Ook vanuit het Cancer Center worden veel besprekingen en lezingen georganiseerd over uiteenlopende oncologische onderwerpen en patientenstudies. De groep van Roberto Pili richt zich sinds enkele jaren op Renal Cell Carcinoma (RCC) en de gevoeligheid voor HDAC remmers, angiogenese remmers en diverse combinatie therapieën. Mijn project bestond uit het bepalen van de gevoeligheid van diverse RCC cellijnen voor angiogenese remmer Sunitinib en het bestuderen van het mechanisme dat zorgt voor verschillen in gevoeligheid. Door problemen met de tumorgroei heb ik dit niet meer in vivo kunnen onderzoeken. Zie verder het verslag. Baltimore
Van te voren kende ik Baltimore nauwelijks en bij aankomst werd me meteen verteld dat het de tweede gevaarlijkste middelgrote stad van de VS is. Dus dat was geen prettige eerste indruk. Het is inderdaad zo dat de stad enkele gevaarlijke wijken kent, ook om het Johns Hopkins Hospital heen. Ik woonde zelf in de studentenwijk om de college campus van Johns Hopkins University, waar veel beveiliging is. Uiteindelijk viel het wel mee en is het best een prettige stad om te wonen, met de Inner Harbor als bruisend centrum. Met collega’s van het lab gingen we regelmatig de stad in, wat drinken, uiteten, frizbeën in het park etc. Het voordeel van Baltimore is ook zeker dat het tussen steden als Washington D.C. en New York ligt, waar ik natuurlijk ook een paar keer geweest ben! Om ook Amerikanen van buiten het werk te leren kennen, ben ik actief geworden bij een kerk in mijn buurt. Naast een traditionele en jongerendienst op zondag en een kring voor graduate students werden er diverse activiteiten georganiseerd. Het was heel prettig om te merken dat iedereen altijd heel gastvrij en hartelijk was. Terugblik
De stage in Baltimore is zeker een fantastische ervaring geweest. Het was geweldig om bij Johns Hopkins University te kunnen werken en ik heb er dan ook veel geleerd. Ik ben de Saal van Zwanenbergstichting dankbaar voor de financiele steun die dit alles mogelijk heeft gemaakt. Deze stage heeft me veel geleerd en mijn enthousiasme voor kankeronderzoek zeker aangewakkerd! |